Home -> Editors Desk -> Afwijkingen voorkomen

19-08-2010

Vericut 7.0
Afwijkingen voorkomen


Door Rob Sman

Ieder CAM-systeem genereert uiteindelijk code voor een bepaalde machine of besturing. Ook biedt vrijwel ieder CAM-systeem de mogelijkheid de door het programma zelf berekende gereedschapsbanen te simuleren om de gebruiker een indruk van de bewerkingen te geven. Op zich kan dit vaak al zeer verhelderend zijn, maar het nadeel van een simulatie door het CAM-systeem is over het algemeen dat niet het uiteindelijke NC-programma wordt gesimuleerd, maar de door het systeem zelf berekende gereedschapspaden.

Tijdens het simuleren zal dan doorgaans geen probleem aan het licht komen, want het systeem heeft immers die paden naar beste kunnen berekend, eventueel rekeninghoudend met de fysieke vorm van de machine en de spanmiddelen. Het enige wat er nu nog fout kan gaan, is dat het NC-programma afwijkingen vertoont ten opzichte van de berekende gereedschapspaden en machinebewegingen. Die afwijkingen kunnen gaan ontstaan op het moment dat de berekende paden met behulp van de postprocessor worden omgezet in instructies voor de machine, respectievelijk de besturing. Een onjuistheid in die postprocessor kan er voor zorgen dat simulatie en werkelijke machinebewegingen van elkaar afwijken. Om dat de ondervangen wordt in een simulatieprogramma als Vericut de simulatie niet uitgevoerd aan de hand van de vooraf berekende gereedschapspaden, maar aan de hand van het daaruit gegenereerde NC-programma. Met andere woorden: Vericut gedraagt zich zoals de machine, het CAM-systeem gedraagt zich als het ware als zichzelf. De fouten waarnaar door middel van simulatie gezocht wordt zijn inefficiënte machinebewegingen, en natuurlijk botsingen die het werkstuk en het gereedschap, maar ook de spanmiddelen of machine zelf kunnen beschadigen. Een correcte simulatie helpt zo de productiviteit en efficiency te verhogen, schade te beperken en draagt tevens bij aan de veiligheid. Een aardig neveneffect is dat het een uitstekend leermiddel is voor NC-programmeurs en machinebedieners.

Interpreteren
Om te kunnen simuleren moeten drie zaken voorhanden zijn: een model van het ruwe materiaal, een beschrijving van het gereedschap en uiteraard het NC-programma, Het materiaalmodel kan uit een CAD-systeem geïmporteerd worden, het gereedschap kan uit het CAM-systeem, dan wel uit Vericut’s gereedschapsbibliotheek ingelezen worden. Vericut interpreteert het bewerkingprogramma en voert dat uit op een solid-model. Het programma kan zelf fouten detecteren en biedt die aan in een logbestand aan de hand waarvan nadien de instructies die de fout veroorzaken in het bewerkingsprogramma kunnen worden teruggevonden. Ook visuele controle is uiteraard mogelijk. Het solid-model kan uit alle richtingen worden bekeken, en er kunnen ook doorsneden worden gemaakt. Nuttig is ook de mogelijkheid het model doorschijnend weer te geven, zodat ook bijvoorbeeld gaten die elkaar moeten kruisen geïnspecteerd kunnen worden. Ook kan het bewerkte model geheel worden nagemeten en zelfs vergeleken met het CAD-model, zodat overtollig of juist teveel weggenomen materiaal gevonden kan worden.

Er is inmiddels zeer veel ervaring opgedaan door de Vericut-gebruikers over de hele wereld. Er zijn vele Vericut Machine Configurations (VMC’s) voor­handen voor de machines van partners als DMG, Mazak, mori-Seiki, Matsuura, makino, Chiron, Hermle, Doosan en vele anderen, waardoor juiste simulatie daarvoor eigenlijk gewaarborgd is, maar ook voor ander machines is zo’n VMC snel te ontwikkelen.

www.cgtech.com





CAD&Company
Stabiplan
ProDesk