Presentations – deel 2

3 mei 2017

In het laatste nummer van CAD-Magazine van 2016 verscheen het eerste deel over de vernieuwde functionaliteit van Presentations in Inventor 2017(R2). In dit eerste ‘MCAD-nummer’ van CAD-Magazine van 2017 het vervolg daarop, waarin verder wordt gekeken naar de animatiemogelijkheden.

 

Door Rob Sman

Er zijn in Inventor twee omgevingen waarin animaties kunnen worden aangemaakt. Uiteraard is dat in de eerste plaats het aanmaken van een Presentation, waar deze artikelen over gaan, maar er is ook nog Inventor Studio. Ruwweg zou je kunnen zeggen dat Studio meer bedoeld is voor het aanschouwelijk maken van de werking van een samenstelling; zo wordt bijvoorbeeld rekening gehouden met de aanwezige constraints (en joints) en kunnen de waarden van constraints zoals offsets en hoeken ook worden geanimeerd. Dat geldt ook voor de belichting. Tenslotte is het ook mogelijk om waarden van modelparameters te animeren; bijvoorbeeld de lengte van een veer. De gedefinieerde animatie kan uiteindelijk in hoge kwaliteit worden gerenderd.
De Studio-omgeving is zowel in samenstellingen als onderdelen aanwezig, dus ook in Inventor LT voorhanden. Een Presentation daarentegen is een van samenstellingen afgeleid bestand waarin de gebruiker zonder meer de aanwezige componenten kan verplaatsen, zonder rekening te hoeven (of kunnen!) houden met aanwezige samenstellingsvoorwaarden (constraints en joints). Daarmee leent een Presentation zich dus prima voor het aanmaken van een (statische) exploded view, zoals in deel 1 van dit artikel besproken, maar ook voor het animeren van bijvoorbeeld montage-instructies. Ook voor deze toepassing is er ten opzichte van eerdere releases het nodige veranderd in Inventor.

Vergelijking

Afbeelding 1a.

Afbeelding 1a.

Een Presentation is nog steeds een zelfstandig bestand, maar de opbouw en bijbehorende terminologie is wel wat gewijzigd. Nog even vergelijken met vroeger: In Inventor 2016 is een nieuwe presentatie leeg en wordt met Create View een model binnen gehaald, waarbij een keuze kan worden gemaakt uit de eventueel in dat model aanwezige Representations. Create View kan worden herhaald om hetzelfde model nogmaals op te roepen, eventueel met een andere representatie. Zo kunnen verschillende exploded views worden aangemaakt. Uiteindelijk was in versie 2016 een Presentation slechts met één samenstelling verbonden. In Inventor 2017 kan een nieuwe Presentation worden aangemaakt vanuit het contextmenu in een geopende samenstelling, waarbij de actieve Representations direct worden overgenomen in de Presentation. Het is ook nog steeds mogelijk gewoon via New een Presentation te starten; waarbij direct een samenstelling kan worden geselecteerd. In beide gevallen staat in de modelbrowser als bovenste node de (voorlopige) naam van de Presentation, die gelijk is aan de naam van de gekoppelde samenstelling. Daaronder de vermelding van Scene1, die op zijn beurt weer de samenstelling en zijn componenten vermeldt. Door in de browser het contextmenu op te roepen, kan met Create Scene een nieuwe scene worden toegevoegd. Dit komt echter niet overeen met Create View in Inventor 2016: met Create Scene kan in de nieuwe scene een ander model (samenstelling) worden ingevoegd. De rol van Create View in Inventor 2016 wordt in versie 2017 overgenomen door New Storyboard.

Tijdsverloop

Afbeelding 1b.

Afbeelding 1b.

Er is in iedere scene minimaal één storyboard aanwezig, waarin onder meer alle verplaatsingen (tweaks) van de componenten in de samenstelling zijn opgetekend. De storyboards zijn zichtbaar in het storyboard panel, prominent aanwezig onderin het Inventor-scherm. Tip: het is bijna niet zichtbaar, maar de uiterste linkerzijde van het panel biedt de mogelijkheid het te un-docken.
Voor het creëren van een statische exploded view speelt het storyboard geen rol van betekenis; wat telt is immers de uiteindelijke positie van de componenten. Deze laatste kan gewoon interactief door het verslepen van de grips op de trails of door middel van Edit Tweak worden aangepast tot het gewenste resultaat bereikt is. Het storyboard biedt daarentegen controle over een aspect dat voorheen niet of slecht beheersbaar was: het tijdsverloop. Iedere keer dat een tweak wordt aangemaakt, kan de duur aangegeven worden. Het moment waarop die tweak plaatsvindt, wordt bepaald door de positie van de playhead (‘secondewijzer’) in het storyboard. Bij een beetje logische aanpak is na het aanbrengen van alle tweaks de animatie eigenlijk al bijna klaar.

Afbeelding 1c. De verplaatsingen van de boutjes in afbeelding1a levert het storyboard in afbeelding 1b op. Met weinig handelingen is alles weer gecoördineerd zoals in afbeelding 1c te zien is. Dit is de ‘omgekeerde’ volgorde, die met het publiceren van de video weer wordt omgedraaid!

Afbeelding 1c.
De verplaatsingen van de boutjes in afbeelding1a levert het storyboard in afbeelding 1b op. Met weinig handelingen is alles weer gecoördineerd zoals in afbeelding 1c te zien is. Dit is de ‘omgekeerde’ volgorde, die met het publiceren van de video weer wordt omgedraaid!

Op ieder moment kan het resultaat worden beoordeeld door het bedienen van de afspeelknoppen of het verslepen van de playhead in het panel. Een belangrijk verschil met vroeger is wel dat de eerste tweak nu ook het begin van de animatie is; in Inventor was dat de laatste tweak. Uiteindelijk is dat geen probleem, want bij het publiceren van de video kan met de optie Reverse de volgorde worden omgekeerd.

Begin- en eindtijd

Wat ontzettend gemakkelijk is geworden, is het achteraf aanpassen van het verloop: eenvoudig verplaatsen, verlengen en verkorten van tweaks is in het storyboard kinderspel. Toch is het niet altijd eenvoudig de volgorde van tweaks te wijzigen, want de blokjes in het panel laten zich niet over elkaar heen schuiven. In dat geval kan via het contextmenu Edit Time worden aangeroepen, waarmee alsnog de gewenste waarden voor begin- en eindtijd kunnen worden ingevoerd. Dat de blokjes niet over elkaar kunnen worden geschoven, houdt dus ook automatisch in dat bewegingen niet (vergeleken met versie 2016: niet meer) op die manier met elkaar gecombineerd kunnen worden, om bijvoorbeeld twee orthogonale moves te combineren tot een schuine beweging. Daar staat tegenover dat bij het plaatsen van een tweak in Inventor 2017 wél in een vlak, dus twee assen, kan worden verplaatst. Overigens worden in de weergave van het storyboard verplaatsingen en rotaties omwille van de ruimte vaak gecombineerd weergegeven, óók als ze na elkaar plaatsvinden, maar dit kan eenvoudig worden uitgeklapt met het pijltje voor de naam van het component.

De mate van zichtbaarheid (opacity) van het wiel wordt in het storyboard gestuurd.

De mate van zichtbaarheid (opacity) van het wiel wordt in het storyboard gestuurd.

Manipuleren aanzicht

Een sprekend voorbeeld van de nu zeer eenvoudige aanpassingsmogelijkheden is het gelijktijdig indraaien van een aantal bouten. De tweak voor de lineaire verplaatsing van alle bouten kan in één keer worden aangemaakt, maar het draaien moet voor alle bouten individueel worden aangegeven, ze moeten immers allemaal om hun eigen middellijn draaien. Het gelijktijdig laten draaien, wordt bereikt door de tweaks in het storyboard te verschuiven, waarbij bovendien eenvoudig het beginmoment naar believen kan worden gekozen ten opzichte van de lineaire verplaatsing.
Ook aanzienlijk simpeler is het manipuleren van het aanzicht: op ieder gewenst moment kan met Capture Camera het ingestelde standpunt worden vastgelegd. Door slepen kan het moment, dat nu niet meer aan een tweak gekoppeld moet zijn, en de duur van de transitie worden bijgesteld. Voeg daarbij de geheel nieuwe mogelijkheid de mate van zichtbaarheid (Opacity) van de componenten te animeren, en het is een omgeving waarin het zeer eenvoudig is geworden een animatie voor de hierboven beschreven doeleinden samen te stellen. Ook de laatste stap, het publiceren van de video, kent geen complexe opties.

Website Autodesk

Comments are closed.